De soennieten en de sjiieten raakten verdeeld toen de profeet Mohammed in 632 overleed.


De soennieten meenden dat de meest bekwame man onder de volgelingen van Mohammed hen moest leiden, de sjiieten vonden dat zijn schoonzoon en neef Ali dat moest doen.

Mohammeds vriend en adviseur Abu Bakr werd als eerste kalief gekozen en werd de politiek en religieus leider van de islam.

Soennieten, aanhangers van de orthodoxe hoofdstroming in de islam. Het woord is afgeleid van soenna, bestaande uit de verzameling handelingen en uitspraken van de profeet Mohammed, het richtsnoer van het moslimleven.

De sjiieten, een minderheid, beschouwden Ali en zijn nageslacht echter als de rechtmatige erfgenamen van de islam.

Tijdens de oorlogen tussen de soennieten en de sjiieten in de 7e, 8e en 9e eeuw werden 12 sjiitische leiders vermoord.

De sjiieten denken echter dat Allah de laatste, 12e imam heeft verborgen, dat hij nog leeft en eens vrede zal brengen.

Sjiieten of shi'a zijn volgelingen van de islamitische profeet Mohammed. Zij geloven dat Mohammed zelf Ali ibn Aboe Talib (Mohammeds neef; getrouwd met zijn dochter Fatima) als zijn opvolger aanwees.

Het merendeel van de moslims is soennitisch. Beide groepen baseren zich op hetzelfde geloof.
Voor soennieten is Mohammed dus de enige die moslims een leidraad voor hun leven aanreikt. De soennieten vonden dat de meest bekwame man onder de volgelingen van Mohammed hen moest leiden.
De sjiieten beschouwen diens schoonzoon en neef Ali en zijn nageslacht als rechtmatige erfgenamen van de islam.

Klik hier om naar de vorige pagina te gaan