De mythes rondom de goed heiligman gaan terug tot Nicolaas van Mira, in de 4e eeuw bisschop van het gebied tegenwoordig aangeduid als Turkije.

Diverse wonderen zijn aan hem toegeschreven en hij is beschermheilige van diverse bevolkingsgroepen.

Het meest prominent is de mythe van de kinderen in de tobbe.

Een herbergier doodde drie studenten en stopte hun lijken in een ton. Sint Nicolaas kwam langs en wekte ze weer tot leven.

In de loop der jaren werden de studenten in het verhaal steeds jonger tot het over kleine kinderen ging. Dit, gecombineerd met het Sinterklaasfeest, maakt dat hij met name erkend wordt als kindervriend.

Elk jaar rond half november arriveert Sinterklaas in Nederland voor de viering van het Sinterklaasfeest.

Men herkent hem aan zijn kenmerkende bisschopsgewaad met rode tabberd en mijter en zijn staf. Hij rijdt op een schimmel, waarvan gezegd wordt dat die op de daken kan lopen en wordt vergezeld door een of meerdere van zijn Moorse assistenten: zwarte pieten.

Er worden cadeaus uitgedeeld en speciaal snoepgoed zoals pepernoten en chocoladeletters verspreid. Een en ander culmineert in pakjesavond, 5 december, waarbij volwassenen zowel hun kinderen als elkander cadeaus geven, vaak voorzien van een (op het afgelopen jaar reflecterend) gedicht of verpakt in een ludieke surprise. Die avond vertrekt Sinterklaas weer naar zijn woonplaats Madrid.

Klik hier om naar de vorige pagina te gaan